Nieuwsarchief

De Watersnoodramp van 1953

Op 21 januari jl luisterde een goed gevulde zaal naar de lezing van Peter Trommar, geoloog en Eindhovenaar over de gebeurtenissen van zondag 1 februari 1953. Trommar was al eerder gastspreker voor onze heemkundekring en wist ook nu de aandacht er goed in te houden met woord en beeld.

Hij ging met name in op drie aspecten. Allereerst de vraag hoe het kon gebeuren, vervolgens de rol van met name Eindhoven bij de hulpverlening en tenslotte de situatie nu en de vraag of zoiets ooit nog kan gebeuren.

stormvloedkeringMet zijn geografische (beroeps)-kennis maakte hij duidelijk dat de ligging van ons land een grote rol heeft gespeeld. Maar ook geldgebrek, bijvoorbeeld kort na de oorlog, zorgde voor onvoldoende dijkbewaking. Typerend daarvoor een document dat hij toonde: op 29 januari 1953 - slechts enkele dagen voor de ramp dus - werd een waarschuwing naar de minister gestuurd met het dringende advies om snel enkele zwakke plekken in Zeeland aan te pakken.

Eindhoven heeft een belangrijke rol gespeeld in de hulpverlening terstond na de ramp. Terwijl veel instanties gewoon niet thuis gaven op de 'dag des Heeren', nam mevrouw Van Riemsdijk-Philips het voortouw en schakelde het Eindhovense Rode Kruis in. Nog diezelfde zondag vertrokken wagens van o.a. Philips naar het rampgebied. Later kwam overigens hulp uit heel de wereld, zo overvloedig zelfs dat Zeeuwen een nieuw gezegde kregen: 'geef ons heden ons dagelijks brood en af en toe een watersnood!'

Vervolgens nam Trommar ons mee naar het heden met films over Neeltje Jans en het Watersnoodmuseum in een voormalig caisson, zoals de Britten die ook gebruikten voor het Mulberry-project bij de landing in Normandië in juni 1944. En tenslotte kwam de kernvraag aan de orde: kan het opnieuw zo misgaan. Ja, dus. Vrijwel zeker zelfs gaat dat ooit weer gebeuren. Nederland daalt en het zeewater stijgt. Voor steeds hogere dijken is onze bodem niet stevig genoeg. Dus reken maar uit. Als voorproefje kregen de toehoorders de gevolgen van die toekomstige ramp op een kaart mee naar huis. Maar gelukkig 'zullen wij dat echt niet meer meemaken'.

Karel Verbeek